Hoe kunnen lokale besturen ruimte maken voor burgerinitiatieven?

Wat vinden burgerinitiatieven belangrijk in hun contact met de overheid? Wat hebben ze nodig om hun initiatief tot een (duurzaam) succes te maken? En vooral ook: hoe kunnen overheidsinstanties die bepaalde verwachtingen in de praktijk brengen? Een onderzoek van de Nederlandse Nationale ombudsman ging op onderzoek bij burgerinitiatieven en vertegenwoordigers van overheidsinstanties, burgerinitiatieven en wetenschap. Resultaat: drie uitgangspunten voor een behoorlijke omgang met burgerinitiatieven én aanbevelingen om ze effectief in de praktijk te brengen. 

Uitnodigende rol 

Het Nederlands onderzoek dateert van 2018 en komt tot de conclusie dat de overheid een andere, meer uitnodigende rol moet aannemen om de (ontwikkeling van) burgerinitiatieven ruimte te geven. 

UITGANGSPUNT 1: Zorg voor een constructieve houding 

  • Stel je oplossingsgericht op 
  • Bied hulp en ondersteuning op maat 
  • Zorg voor een gepaste rolverdeling 

UITGANGSPUNT 2: Treed op als één overheid  

  • Voorzie een duidelijk aanspreekpunt 
  • Stuur burgerinitiatieven niet van het kastje naar de muur 
  • Spreek met één mond 

UITGANGSPUNT 3: Maak heldere en kenbare keuzes 

  • Geef actieve informatie over de mogelijkheden 
  • Wees helder over de mogelijkheden 
  • Wees helder over de voorwaarden 

Weerbarstige praktijk 

In de praktijk blijken deze uitgangspunten, onderschreven door vertegenwoordigers van overheidsinstanties, deskundigen en koepelorganisaties van burgerinitiatieven, onvoldoende gehanteerd. De bestaande overheidsstructuur blijft hardnekkig. Eigen politieke afwegingen, tijd en middelen, regelgeving en interne organisatie maken het lastig om concreet invulling te geven aan dat contact met burgerinitiatieven. 

Hoe verder? 

Omdat de uitnodigende rol die van de overheid verwacht wordt niet vanzelf ontstaat, geeft de ombudsman overheidsinstanties volgende aanbevelingen: 

  • Maak de tussenstand op 
  • Bekijk in de organisatie hoe je op dit moment invulling geeft aan de drie uitgangspunten. Betrek daar ervaringen van burgers en bestaande burgerinitiatieven bij. 
  • Zet alle neuzen in de organisatie in dezelfde richting 
  • Ontwikkel een gemeenschappelijke visie op de omgang met burgerinitiatieven in alle lagen van de organisatie (algemeen bestuur, dagelijks bestuur en ambtelijke organisatie). Zorg ervoor dat de verschillende geledingen van de organisatie onderling afstemmen hoe de ‘besluitvorming’ over een burgerinitiatief verloopt.

​Geef speelruimte aan medewerkers

De ambtenaren vormen de ogen en oren van de overheid. Wil je als overheid burgerinitiatieven vanuit een constructieve houding tegemoet treden, dan moet de betrokken ambtenaar steun krijgen van de organisatie om een open gesprek te voeren met burgerinitiatieven over mogelijkheden tot ondersteuning. Geef de medewerker voldoende vertrouwen en mandaat.
 

Zorg voor een uitnodigende houding van alle medewerkers 

​De overheid moet als één geheel optreden. Een burgerinitiatief mag verwachten dat iedere medewerker van de instantie met dezelfde burgergerichte insteek reageert. Zorg ervoor dat alle medewerkers de daarvoor benodigde vaardigheden en attitude hebben. 

Wees alert voor signalen 

​Er kunnen altijd knelpunten ontstaan in het contact tussen overheid en burgerinitiatief. Zorg er daarom voor dat burgers dergelijke knelpunten gemakkelijk kunnen melden en je alert bent om op dergelijke signalen te reageren. Van daaruit kan worden bekeken welke oplossingen er bestaan of welke lessen er kunnen worden getrokken. Signalen geven de overheidsinstantie informatie over hoe de overheid haar uitnodigende houding kan verbeteren. 

Meer info 

Raadpleeg het volledig onderzoek hier of lees de samenvatting in het decembernummer van TerZake Magazine. 

Lees meer

Recent

Ontvang het laatste nieuws

Schrijf je in op onze nieuwsbrief

En blijf op de hoogte van al het De Wakkere Burger nieuws. 

Een reactie achterlaten